Hans Langbroek, raadslid voor Het Enkhuizer Alternatief

   

In een tijd van universeel bedrog is het spreken van de waarheid een revolutionaire daad (George Orwell)

Werken, “Ausländer ‘raus!”, gemeentelijke ongein

(30 januari 2010)

 

Een collega van me werkt al 15 jaar in het bedrijfje waar hij en ik beiden in dienst zijn. Ruim 21 jaar geleden is hij met zijn vrouw en toen 3-jarige zoontje vanuit het toentertijdse Yoegoslavië naar Nederland geëmigreerd. Hij zag de buien van onderlinge haat en aankomend excessief geweld op de Balkan destijds al hangen, en had daarom besloten zijn installatiebedrijfje en vaderland vaarwel te zeggen en naar Nederland te vertrekken. De man wilde zijn gezinnetje in een normale omgeving laten bestaan.

Nu is hij al jaren mijn collega, en tevens één van de meest ervaren en kundige medewerkers in het bedrijf. Zijn naam is Zoran.

 

In Nederland kwam hij in Friesland terecht op de wijze zoals mensen nu eenmaal ergens terecht komen als ze naar verafgelegen bestemmingen vertrekken: het gaat zoals het gaat.

Hij zocht en vond een baan, en begon zijn leven in de Hollandse heilstaat. Na drie jaar besloot hij dat kennis van de taal verstandig was, en in Leeuwarden volgde hij een cursus Nederlands. Gezien de enorme veelheden praterij die hij in pauzes in de kantine produceert, heeft die cursus 18 jaar geleden nogal goed gevolg gehad….

Hij volgt de Nederlandse nationale politiek intensief, hij volgt de internationale politiek intensief, en geeft daar als een soort zelfbenoemde adviescommissie voor het personeelsbestand richting zijn collega’s “gevraagd en ongevraagd” zijn mening over, zoals men dat in geval van adviescommissies wel placht te noemen.

Kortom, hij is geïntegreerd en voelt zich betrokken bij de eigen leefomgeving.

 

In de loop der jaren heeft zijn vrouw een Nederlands paspoort verkregen, is zijn zoon Nederlander geworden, en zijn 10-jarige in Nederland geboren zoontje wist tot voor kort niet eens dat hij “allochtoon” was. Een drama toen het arme jochie dat vernam in deze tijden van beladen woordbetekenissen.

De integratie is dus goed verlopen. De oudste zoon is cum laude geslaagd voor zijn VWO op de lokale RSG, en is door zijn hoge intelligentie langzaam op weg een deeltje van de Hollandse elite te worden. Slechts levenservaring moet nog wat jaartjes aangevuld worden.

De jongste zoon zoekt zijn weg in het Hollandse leven, de vrouw is tussen de middag oppasmoeder op de basisschool van haar jongste zoontje, en Zoran spelt de Hollandse kranten en nieuwssites om zijn collega’s daarna met gedegen meningen om de oren te kunnen slaan.

Nogmaals, het gezin is geïntegreerd en voelt zich betrokken bij de eigen leefomgeving. Het gezin draait volledig in alle denkbare opzichten mee in deze poldersamenleving.

 

Nu ineens stapelen zich donkere wolken op aan de horizon van het geïntegreerde en arbeidzame bestaan van het gezin. De gemeente heeft het gezin namelijk ontdekt!

Zoals iedereen weet: als je met overheden te maken krijgt, begint de ellende. Hoe dan ook.

 

Zoran heeft in oktober van het afgelopen jaar een Brief gekregen van de Gemeente. In die Brief staat dat hij Nederlands moet leren en dat hij moet inburgeren. Als hij dat niet doet, en niet komt praten, dan krijgt hij een Boete.

Zoran is dus maar naar het Stadskantoor gegaan om te praten, in een Boete had hij ook niet zoveel zin natuurlijk. Daar had hij met de betreffende ambtenares een gesprek in het Nederlands over de noodzaak van het Nederlands moeten leren en inburgeren. Na dat gesprek in het Nederlands besloot de betreffende ambtenares een Onderzoek te plegen over deze zaak.

 

In januari van dit jaar kreeg Zoran wederom een Brief, de Tweede Brief van de Gemeente. In die Tweede Brief, in het Nederlands geschreven en door Zoran dus in het Nederlands gelezen, staat dat Zoran Nederlands moet leren en dat hij moet inburgeren. Dat bleek uit het Onderzoek namens de Burgemeester en het Clusterhoofd van Sociale Voorzieningen..

In de Tweede Brief stond dat als Zoran niet inburgert, en geen Nederlands leert, dan krijgt hij een Boete. Alweer een Boete! Nou, daar had Zoran in deze dure tijden natuurlijk nog steeds geen zin in, en hij dacht: “Maar eens even aan Hans vragen, die zal er vast wel meer van weten!”

Ik las Brief  Eén en Brief Twee, zag de dreigend genoemde Boetes van de Gemeente, en besloot eens te bellen hoe dit nu eigenlijk zat.

Een tot de essentie terug gebrachte versie van het gesprek met de betreffende ambtenares:

 

“Dag mevrouw, mijn collega Zoran moet van u Nederlands leren en inburgeren. Maar hij is al ingeburgerd, en hij spreekt al Nederlands. Hij heeft met u in het Nederlands gesproken, en hij spreekt al 15 jaar Nederlands hier in het bedrijf.”

 

“Meneer Langbroek, we kunnen niet zwart op wit aantonen dat Zoran Nederlands spreekt, dus hij moet Nederlands leren. Hij kan ook niet aantonen dat hij is ingeburgerd, dus hij moet inburgeren.”

 

“Maar hij heeft 18 jaar terug een cursus Nederlands gevolgd in Leeuwarden. Dat hij dat diploma niet meer heeft komt omdat het 18 jaar terug ondenkbaar was dat je ooit zwart op wit zou moeten aantonen dat je Nederlands kunt spreken terwijl je Nederlands aan het spreken bent!”

 

“Meneer Langbroek, de gegevens uit ons Onderzoek zeggen dat de heer Zoran geen Nederlands spreekt. Het staat nergens aantoonbaar zwart op wit. Hij moet Nederlands leren.”

 

“Maar hij heeft het gesprek met u in het Nederlands gevoerd! Dat komt dus doordat hij Nederlands spreekt!”

 

“Meneer Langbroek, uit onze gegevens blijkt dat Zoran Nederlands moet leren.”

 

“Maar hoe kan dit dan? Zijn vrouw hoeft geen Nederlands te leren, en ze zijn samen 21 jaar terug uit Yoegoslavië vertrokken.”

 

“Meneer Langbroek, mevrouw heeft een Nederlands paspoort. Zij spreekt dus Nederlands en hoeft niet in te burgeren.”

 

“Maar zij komt ook uit Yoegoslavië! Ze zijn beiden in dezelfde omstandigheden! Maakt het papiertje dan het enige verschil? Is het enige verschil een stuk papier?!”

 

“Meneer Langbroek, zo moet u dat niet zien. Zoran heeft geen Nederlands paspoort, hij spreekt dus geen Nederlands en moet Nederlands leren. Dat blijkt uit de gegevens. Zijn vrouw hoeft geen Nederlands te leren, zij heeft een Nederlands paspoort. Dat ze beiden uit Yoegoslavië komen maakt geen verschil.”

 

“Maar het enige verschil is dus dat papier van dat paspoort. Hij moet iets leren dat hij al kan omdat hij geen Nederlands paspoort heeft aangevraagd, zij hoeft niet iets te leren dat ze al kan omdat ze wel een Nederlands paspoort heeft aangevraagd.”

 

“Meneer Langbroek, zo moet u dat niet zien. Meneer moet Nederlands leren omdat uit de gegevens blijkt dat hij geen Nederlands spreekt. Hij moet inburgeren.”

 

“Maar het enige verschil is dus dat paspoort, een stuk papier. Daar heeft u in het Nederlands met Zoran over gesproken!”

 

“Meneer Langbroek, wat u zegt begrijp ik wel. Maar het is niet zwart op wit aantoonbaar dat Zoran Nederlands spreekt. Hij moet Nederlands leren, en hij moet inburgeren.”

 

Und so weiter, und so weiter, und so weiter…..

 

Nederland op zijn smalst, bureaucratie ten top, burgeronvriendelijkheid in optima forma, onzinnig buitenlandervijandig Enkhuizen in waanzinnige buitenproportionaliteit!

 

In januari ben ik met Zoran meegegaan naar het gesprek met de ambtenares, en heb het in het Nederlands gevoerde gesprek aangehoord. Meedoen mag niet met zo’n gesprek, ik mag dan alleen maar luisteren. Tot mijn grote verdriet, het was namelijk een gelijksoortig totaal absurdistisch en krankzinnig in zijn aard zijnd gesprek als bovenstaand.

 

Nu zal Zoran straks onzinnigerwijze dus moeten inburgeren en Nederlands moeten leren. Hij gaat dan in werktijd en eigen tijd verplicht naar het Horizoncollege om dat te doen.

Enkhuizen gaat dan duizenden euro’s uitgeven aan onzin die alleen de gemeente en niemand anders wenst uit te voeren, in deze tijd van bezuinigingen en inleveren.

Het bedrijf waar wij werken krijgt het steeds drukker na een onrustbarende dip door de economische crisis. Zoran zijn kundigheid en persoonlijkheid zijn nodig in het bedrijf, in zijn gezin, bij zijn vrienden, en gewoon bij zijn collega’s om gezamenlijk te lachen als hij zijn politieke joligheden in de kantine in het Nederlands verkondigt.

 

Zoran is niet nodig op het Horizonollege.