Hans Langbroek, raadslid voor Het Enkhuizer Alternatief

   

In een tijd van universeel bedrog is het spreken van de waarheid een revolutionaire daad (George Orwell)

Maandag 9-7 t/m zondag 15-7-2012

 

Maandag de 9e: Een aantal weken terug wilde een collega van me, een jonge vrouw, haar ruim 2-jarige dochtertje ophalen bij peuterspeelzaal “De Blokkerdoos” in Oosterblokker. [De Blokkerdoos] is onderdeel van het bedrijf “Kiddyworld”.

Haar dochtertje bleek weg te zijn, het kind was meegegeven aan een wildvreemde oudere man. Een begeleidster zei tegen m’n collega dat het kind aan haar opa was meegegeven…

Mijn collega, niet dom, ging direct de richting op die ze vermoedde dat die man opgegaan was. Ze had een oudere man zien fietsen namelijk. Ze rende achter de man en haar kind aan, schreeuwde hard om hulp, haalde de man en haar kind in, en belde haar eigen moeder en de politie.

Het was een hele heisa zo alles bij elkaar.

 

De Hoornse politie wilde géén aangifte opnemen, ze zeiden dat het een vergissing was. Dit zonder alle betrokkenen gesproken te hebben! De Blokkerdoos zei dat de protocollen nog eens nagekeken zouden worden…

Bij inschrijving van je kind daar is het een harde afspraak dat als het kind door een ander dan de eigen ouder opgehaald wordt, dit door die ouder van tevoren gemeld wordt aan de peuterspeelzaal. Die afspraak, een hard noodzakelijk protocol in deze tijd van kindermisbruik, werd zonder enige terughoudendheid genegeerd door de peuterspeelzaal. Ongelooflijk zoiets!

De collega wordt niet begeleid, krijgt nauwelijks excuses. Haar kindje begint nu over mannen die haar ophalen te praten, het gebeuren heeft logischerwijze dus inderdaad indruk gemaakt.

 

Dat zoiets gebeurt in deze tijd waarin dit soort zaken zó actueel is, en dat dit dermate nonchalant afgehandeld wordt richting de ouder, is in mijn ogen niet professioneel en duidt een gebrek aan empathisch vermogen aan bij instelling “De Blokkerdoos”. Een vorm van gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel.

 

Verder heb ik vandaag noodgedwongen een nieuw [ID-bewijs] moeten aanschaffen, ergerlijk dit. Althans, de consequenties hiervan. Het is onbegrijpelijk dat ons eens zo vrije landje zó erg verloedert tot wat men nu heel langzaam ziet ontstaan.

Met deze ontdemocratisering en afnemende vrijheid in ons Nederland kan men concluderen dat velen van degenen die nu leven straks aan het einde van hun leven kunnen zeggen: “Ik ben geboren als vrije man of vrouw, en zal sterven als ontmenselijkt overheidsbezit. Sterven als economisch berekende productie-eenheid in dienst van overheid en kapitalistische elite.”

Zo is dat, en niet anders.

 

Wat op dit moment af en toe aan de orde komt in de lokale media is het geklingel ’s nachts van het carillon van de Drommedaris. Het gekke is: ik kan er geen mening over vormen. Degenen die het minder willen hebben i.v.m. wel en niet kunnen slapen , kan ik goed begrijpen. Maar ook diegenen die naar voren brengen dat dit geklingel al jaren zo is.

Ik weet het eigenlijk even niet nu.

 

Ik ga maar eens aan de afwas beginnen. Die afwas is groot en veel, de dames dochteren mogen (= moeten) helpen.

 

Dinsdag de 10e was een druk dagje van allerlei dingen die gedaan moesten worden. Daarnaast probeer ik weer enigszins mijn site bij te houden, door het writersblock heen. Dat gaat redelijk, alhoewel het niet als voorheen meer is. Of dat ooit weer komt weet ik niet. Toch is het leuk om te doen, het is communicatie voor jezelf en voor anderen. Iedereen leert van elkaar tenslotte, in alle opzichten.

 

Het lijkt soms alsof het leven veranderde richtingen met zich meegebracht heeft. Belangstellingen verleggen van koers. In een aantal zaken is het β-achtige denken wat aan het veranderen, religies zijn interessant in hun aard en ontstaan i.p.v. alleen afkraakitems etc. Het is allemaal wat minder emotioneel geworden, maar evenzogoed toch ook minder afstandelijk; een middenweg zonder grijs te worden. Het pad is nog niet af, er dient nog veel gelopen te worden.

Wat komen moge kome, we zien wel hoe het leven verloopt. De Tao, het Pad; het smalle pad en niet de brede weg.

 

Eens kijken of ik morgen kan beginnen de jungle die m’n achtertuin is een beetje te fatsoeneren of temmen. Dan ontstaat er werkruimte. Het is nu één groene muur.

Aan de andere kant, al dat groen herbergt wel leven. Na Inge haar dood heb ik mijn leven ook aangeharkt. Ik heb het onkruid eruit gewied, de bagger weggegooid, stenen geruimd, en dit leven is nu deels een keurig aangeharkt tuintje. Zoals het nooit eerder is geweest.

Het was een overlevingsstrategie na alle levensimplosie door de dood van Inge.

 

Een eigenschap van keurig aangeharkte tuintjes is dat er minder wilde en felgekleurde bloemen bloeien. Er gebeurt minder onverwachts, er fladderen minder vlinders en er zoemen minder bijen van bloem naar bloem. Keurig aangeharkte tuintjes zijn voorspelbaar en kennen geen romantische ongetemde en ongekende hoekjes, geen verrassingen.

In keurig aangeharkte tuintjes word je niet zomaar gestoken, bloeit niet ineens een exotische plant, fladdert geen vlinder die je nooit eerder gezien hebt, en landt niet onverwachts een zwerm bijen om een dagje uit te rusten.

Keurig aangeharkte tuintjes zijn veilig en voorspelbaar, en bar saai. Mooi, maar mooi in regelmaat. Zoals een natuurkundewet mooi kan zijn. Wilde tuinen, met leven en bloei, zijn anders. Echt heel anders.

De tuin van mijn leven is ook te lang aangeharkt nu. Levend in andermans onzekerheden en die vooral niet kwetsen, in andermans angstige neigingen tot geen moeilijkheden willen veroorzaken en dus aangeharkte voorspelbaarheid, in gedempte kleuren die vooral niet teveel mogen opvallen.

De fladderende vlinders van voorheen zijn weg, de zoemende honingzoekende bijen van voorheen zijn weg.

 

Morgen ga ik onkruid wieden, de tuin fatsoeneren. Maar fatsoeneren met de kans op bezoek van bloemen, vlinders en bijen.

Dit zoals het nu is bevalt me niet. Nu niet meer.

 

Woensdag de 11e  en donderdag de 12e  heb ik interessante informatie gekregen van het Centraal Justitieel Incasso Bureau. Heel boeiend om te lezen in relatie tot de wijze waarop sommige dingen aan de orde zijn geweest, en dat nu waarschijnlijk dus ook nogmaals komen.

 

Ook las ik dat er plannen zijn in Medemblik om een stadsplein met daaronder een parkeerkelder te creëren. Stukje voor stukje knabbelt Medemblik stukjes van de toeristische potentie van Enkhuizen af. Het is dat Hoorn zich nog in de smalgeestige discussiefase bevindt van wel/geen zondagsopening van winkels, en daardoor voor Enkhuizen nog iets van de koek overlaat. Anders hadden denkelijk de resultaten voor de Enkhuizer middenstand nog minder rooskleurig geweest.

Alhoewel: in Enkhuizen is die zondagsopening ook niet echt een onverdeeld succes. Het aantal winkels dat eraan meedoet is niet om over naar huis te schrijven. Misschien moeten we gewoon een keer wat minder megalomaan denken, en kijken naar wat voor kleine gemeentes als Enkhuizen realistisch is. Bezien vanuit het verzorgingsgebied dat we bestrijken, het aanbod dat we hebben qua hotels en verblijf, de mate van attractiviteit die er is in verhouding tot wat Enkhuizen wil met het laten groeien van het aantal langverblijvers, en al dat soort zaken.

Maar eigenlijk vind ik dat heel West-Friesland één intensief samenwerkingsgebied moet worden op toeristisch gebied. We hebben hier zó enorm veel te bieden dat nu versnipperd door allerlei kleine belangetjes onherkenbaar is als toeristische aantrekkelijkheid! De drie Westfriese oude stadjes Hoorn, Enkhuizen en Medemblik; veel prachtige groene vaarwegen, groene natuur, mooie oude dorpsgezichten, de Stoomtram, De Omringdijk, het is teveel om op te noemen. Door samenwerking in beleid, ontwikkeling en promotie zou dat alles een prachtig toeristische trekker als geheel kunnen worden ipv dat de drie stadjes elkaar wegconcurreren en het platteland eveneens alleen naar z’n eigen keuterbedoening kijkt.

 

Lopend door Enkhuizen deze dagen in het zomerse, regenachtige hoogseizoen, zag ik dat het bar rustig is in de stad. De havens zijn niet bepaald vol, het is rustig in het winkelgebied, er zijn winkels leeg, terrassen zijn niet heel gevuld, de campings zijn behoorlijk niet-vol etc. Wat me ook ineens bij sommige winkels opviel wat de peukenbrei naast de winkelingang. Dat komt door personeel dat tussendoor aan de rookbehoefte moet voldoen, de peuken naast de winkeldeuren uittrapt en daar laat liggen.

Dat is voor een toerist die je aan het kopen wilt krijgen een vrij ranzig gezicht.

 

Maar het is tijd om eten te koken. Er dreigt straks weer regen, en wederom een zomervakantie die ik vrij hield om buitenom te gaan schilderen, maar waarin het -tig keer per dag hard ging regenen. Dat schiet niet op zo, dit verchagrijnt m'n humeur langzamerhand structureel.

 

Vrijdag de 13e t/m zondag de 15e:

Het is nu 2012, een flink stuk in de 21e eeuw alweer. Vandaag, zo kijkend naar het grijze buiten en lijdend aan een slinkse kater, vraag ik me af of ik beschouwd zou kunnen worden als 20e-eeuwer of als 21e-eeuwer. Om het maar eens even in hokjes te archiveren… Feitelijk ben ik natuurlijk gewoon slechts een persoon, meer niet.

 

Als ik kijk naar in welke eeuw ik het langst geleefd heb, en welke eeuw mij het meest gevormd heeft, dan is dat uiteraard de 20e eeuw. Op mijn geboortedag was de WOI korter geleden gebeurd dan dat nu WOII is! Toen Hitler aan de macht kwam was de Amerikaanse Burgeroorlog korter terug afgelopen dan dat nu de afloop van WOII verleden tijd is…

In mijn jeugd hadden alle volwassenen WOII meegemaakt. Als vechters, als slachtoffers, als burgers, als kinderen en als volwassenen. Alle gesprekken in mijn jeugd op verjaardagsfeesten, op bijeenkomsten, op plaatsen waar mensen bijeen kwamen, gingen over de oorlog en Duitsers, over Nederlands-Indië en over Nieuw-Guinea.

Opa’s die in de oorlog gevochten hadden, familieleden die in de oorlog gevochten hadden, mijn vader die een deel van z’n jeugd in Nederlands-Indië en Nieuw-Guinea doorgebracht heeft, m’n moeder die in Duitsland geboren is: dat alles speelde een rol in mijn jeugd. De verhalen gingen over die dingen. Vooral over het leven in de voormalige koloniën en over de oorlog.

 

Wat dit allemaal betreft hebben de belangrijkste dingen van de 20e eeuw mij in m’n jeugdelijke inprentingsfase gevormd. Het krimpen van Nederland als wereldidentiteit door het verlies van de koloniën, en de Tweede Wereldoorlog.

 

Die oorlog, en dat koloniale verleden, daar word ik schijtziek van. Het lijkt wel of Duitsers voor eeuwig duivels zijn, en of Nederland voor eeuwig door het stof moet om wat in Nederland-Indië gebeurd is. Nu met de Europese crisis waarin Nederland en Duitsland een grote rol spelen als lopende portemonnees op pootjes, worden beiden weer door het slijk gehaald. De Duitsers worden door Grieken weer neergezet als massamoordenaars, mevrouw Merkel staat op posters met een Hitlersnorretje, en Nederland wordt voor de zoveelste keer in het schuldcomplex gedoopt over het bloedbad bij Rawagede in 1947 en het verre slavernijverleden. Alsof dat voor eeuwig tevoorschijn gehaald moet worden.

 

De Nederlanders van nu zijn geen massamoordenaars en slavenhouders, de Duitsers van nu zijn geen nazi’s.

De Nederlandse slachting in Rawagede en de daden van Raymond Westerling zijn door de Indonesiërs zelf na die tijd vele, vele en véle malen overtroffen in hun strijd tegen vermeende communisten, tegen aanhangers van andere politici, tegen andere etniciteiten, en in hun nog steeds voortgaande fysieke en culturele genocide op de Papoea’s van Nieuw-Guinea (nu Irian-Djaja geheten).

Er zijn al excuses geweest, Nederland is schuldbewust, en Nederland kruipt door het stof. Evenals de Duitsers door het stof zijn gekropen na de grote schanddaad van WOII.

 

Nederland heeft slaven verhandeld, en er zijn Nederlandse slavenhouders geweest. Vanuit Elmina beheerste Nederland ongeveer 5% van de totale slavenhandel, de rest werd gecontroleerd en beheerst door Portugal en Engeland. De Nederlanders kochten de slaven van andere zwarten die op deze wijze van hun vijanden afkwamen er er ook nog iets aan over hielden. Ze kochten ook slaven van Arabische handelaren. Als er excuses gemaakt moeten worden, dan zal dat over de hele linie gedaan moeten worden. Door alle betrokkenen. Niet door slechts één partij in het geheel, waarbij ook nog de nadruk gelegd wordt op de huidskleur. Dát is pas racisme. Het ging om geld, en niet om huidskleur. Zwart verkocht zwart, bruin verkocht zwart, en wit kocht zwart. Het ging om geld.

 

 

In mijn jeugd gingen de gesprekken over de oorlog en over de voormalige koloniën. Nu gaan de krantenartikelen allemaal over de oorlog, over Rawagede en over slavernij. Het houdt gewoon niet op. Er is geen vergiffenis maar wraakgevoel en roep om vernedering.

Ik word er echt schijtziek van.

 

Wat dat betreft ben ik duidelijk dus een kind van de 20e eeuw. De grote gebeurtenissen van die eeuw leven nog steeds in mijn hoofd, in het nieuws, op alle media.

Als je wat “verkeerds” zegt ben je een nazi, of een fascist. Alles wordt afgemeten aan nazi’s, niets wordt op zichzelf beoordeeld.

Alsof mensen zèlf geen enkel besef van moraliteit hebben, en daarom niet anders kunnen dan alles moeten afmeten aan de oorlog en Duitsers.

 

Mijn jeugd kent ook de toen dagelijks terugkerende termen als Ho Chi Minh, Saigon, Vietcong, Pnom Penh. In dat ene land Vietnam is door de Amerikanen aan explosiekracht een veelvoud gebruikt van de totale explosiekracht die door alle vechtende partijen tesamen in WOII is gebruikt…

In Ruanda werden in 3 maanden tijd 500.000 mensen met hakbijlen en knuppels vermoord, een tempo waar de nazi’s jaloers op hadden kunnen zijn. Elke moordpartij wordt weer overtroffen, elke oorlog na WOII is weer gruwelijker geweest dan de vorige, en alle aantallen slachtoffers zijn weer groter geweest in bijvoorbeeld de naoorlogse Sovjet-Unie en het communistische China.

Het is allemaal de 20e eeuw, en het houdt niet op.

 

De 21e eeuw is opgestart met bekende en onbekende moordpartijen, leeg televisievermaak voor miljoenen, mobiele telefoontjes voor eenieder, sociale media die mensen in werkelijke activiteit verlammen zoals activisten met lede ogen zien, en mensen die geld verdienen aan chemisch eten wat iedereen accepteert. Met dat laatste vallen op de langere termijn meer doden dan in menig oorlog…

De 21e eeuw is opgestart met wat het begin van WOIII kan zijn, en alles overtreft het vorige wat gebeurde. In Mexico vallen in de drugsoorlog van bendes onderling en politie tegen die bendes, bijna meer doden dan in alle andere oorlogen bij elkaar.

 

Ook ik heb een mobieltje met internet, ook ik praat dom op een medium als Twitter, ook mijn puber thuis kijkt naar Jersey Shore en ander Amerikaanse tokkiesseries, en ook ik eet troep.

De 20e-eeuwer in de 21e eeuw geplaatst, als een Neanderthaler die in de Gouden Eeuw terecht was gekomen.

Zolang alles van na WOII die oorlog nog overtreft in gruwelijkheid, onmenselijkheid en massale uitbuiterij van grote mensenmassa’s, hoeft niemand die oorlog bij mij als referentiepunt voor het slechte te gebruiken.

Wat slecht is zou je zelf moeten kunnen zien, dat reeds lang door vele gebeurtenissen overtroffen referentiepunt zou niemand nodig moeten hebben om slecht te herkennen.

 

Nou, deze 20e-eeuwer in de 21e eeuw gaat een 20e-eeuwse TV bekijken. Met duf hoofd van overmatig drank in een niet-meer-gewend lichaam. Gister een borrel gedaan bij heer van der Pluijm.

 

Morgen weer de nieuwe week.