Hans Langbroek, raadslid voor Het Enkhuizer Alternatief

   

In een tijd van universeel bedrog is het spreken van de waarheid een revolutionaire daad (George Orwell)

Vrienden, gezellig.

(16 maart 2007)

 

Zo’n vijf en een half jaar terug was ik één van de destijds zogenoemde “bende van negen”. Dat houdt in dat ik één van de initiatiefnemers ben geweest voor het toentertijd oprichten van de lokale partij Nieuw Enkhuizen. Harry Wijchers werd door ons de eerste voorzitter gemaakt van de club. Harry was, net als de rest, best trots op wat we gedaan en bereikt hadden. We hoorden dan ook wekelijks van hem het enthousiaste: “Jongens, wat wij zijn is gewoon een club van goeie vrienden! Niemand neemt ons dit meer af!”

Een jaar of drie, vier terug stond er in de krant een artikeltje over een mevrouw die minister was in Oostenrijk. Haar politieke medestanders, die ze tot dan toe als vrienden beschouwde, hadden haar keihard laten vallen. Dat bracht haar in uiterste teleurstelling tot de uitspraak in het openbaar: “In de politiek heb je géén vrienden, er zijn alleen belangen.”

Ongeveer acht jaar terug sprak ik eens een persoon die nu z’n landelijke partij vertegenwoordigt in onze gemeenteraad. De club waar hij destijds bij aangesloten zat, was hem op last van de toenmalige leider op dubieuze wijze voorbij gegaan met het aanwijzen van commissieleden. Daarover was hij uitermate gedesillusioneerd, hij begreep dat niet van z’n vrienden. Wat ik hem antwoordde was toen hetzelfde als dat die mevrouw de Oostenrijkse minister had gezegd: “Jongen, in de politiek heb je géén vrienden, er zijn alleen belangen.” En dat begreep hij vanaf dat moment dus ook, hij kwam er later zelfs nog eens op terug.

In de politiek heb je geen vrienden, er zijn alleen belangen. Een waarheid als een koe! Hoe goed je ook omgaat met je partijgenoten, fractiegenoten, coalitiegenoten, medepolitici, het is nooit en te nimmer vriendschap. Eén grote fout, en je hebt oorlog met je beste “vriend”. Hij zal je afmaken, mangelen en uitrangeren tot je hopeloos en machteloos niet meer weet waar je zit of staat.

Politiek is gewoon een keiharde bezigheid; zonder werkelijk geweten denk ik vaak. Of het nu op landelijk niveau of lokaal niveau in een dorp uitgevoerd wordt, nergens is het anders. Wethouders worden door hun eigen partijgenoten knoeperdhard verwijderd als ze de belangen schaden of lijken te schaden van hun partij, en daarna zijn ze voorgoed onzichtbaar in het politieke veld. Partijgenoten worden rücksichtslos afgeserveerd als ze moeilijk liggen bij degenen bij wie een partij z’n belangen denkt te kunnen bestendigen of vergroten, en daarna zijn ze voorgoed onzichtbaar in het politieke veld. Mensen die zelf stoppen met politiek, en dus geen belang meer vertegenwoordigen, bestaan direct niet meer voor politici. Al degenen met wie ze altijd zo gezellig na stonden te borrelen, met wie ze van alles bespraken, waar ze lief en leed mee dachten te delen, waar ze vaak gezellig bij thuis kwamen: voor bijna al diegenen zijn ze na het stoppen met politiek binnen milliseconden vergeten en ze zijn voorgoed onzichtbaar in het politieke veld. En in het persoonlijke veld…

Politici zijn gehaaid en hebben sociopathische neigingen. Ze benaderen mensen bij wie ze iets zien of vermoeden waarmee hun belang bestendigd of vergroot kan worden bijzonder aardig, vriendschappelijk, welwillend en op uiterst sociale wijze. Niet-politici worden daardoor ingepakt, het gaat heel subtiel. Mensen voelen zich ineens op één of andere wijze wat bijzonder door dat subtiele spel van politici, en geven zonder er erg in te hebben wat de politicus wil. Als de bron van dat belang leeg is vergeet de politicus de persoon direct, zonder daar ook maar even bij stil te staan. De persoon, de bron van belang, zal hooguit in een reservebakje terecht komen als de politicus vermoedt dat er in een toekomst nog meer te halen valt.

De werkelijkheid van het bovenstaande heb ik elf jaar terug, dus in een vroeg stadium, al geleerd van m’n grote leermeester Jan Hart. Hij leerde me op die dingen te letten, er alert op te zijn. Ik ben het dan ook nooit vergeten, en heb het daardoor inderdaad ontelbare keren zien gebeuren. Af en toe trapte ik er desondanks zelf ook evengoed in. Soms duik ik er op m’n eigen wijze tussen als ik het zie of hoor gebeuren, ik kan en wil zoiets niet aanzien. Het is een les waar ik Jan Hart eeuwig dankbaar voor ben, de bruikbaarheid geldt ook voor binnen het bedrijfsleven heb ik gemerkt.

Ook het navolgende is een voorbeeld van de sociopathische neigingen van politici. Enige tijd terug stond ik eens ergens te praten met drie leden van een landelijke partij. Ze vroegen me waarom ik in godsnaam landelijk lid was van GroenLinks, en waarom ik geen lid werd van hun partij. Op m’n vraag waarom ik dat zou moeten doen antwoordden ze létterlijk in koor: “Macht natuurlijk!” De GroenLinkser die naast me stond en het hoorde zag ik dus lichtelijk verbouwereerd z’n wenkbrauwen optrekken, en dat deed ik van binnen in m’n geest ook…

Om dit soort dingen kan ik zeggen dat ik, ondanks het in politiek opzicht totáál niet eens zijn met hun ideeën, grote bewondering heb voor de heren Gerrit Zalm en Geert Wilders.

Gerrit Zalm zag ondanks dat hij de politieke belangen uiteraard verdedigde waar hij achter stond, evengoed de mens in anderen nog. Hij handelde daar ook naar naar mensen en parijgenoten toe. Gerrit voerde z’n ideeën en visies natuurlijk uit, maar was ook mens.

Geert Wilders had andere ideeën dan z’n partij. Daarom had z’n partij het idee opgevat om hem om subtiele wijze uit te kotsen. Dat werd gedaan door een beroep op z’n moraal en loyaliteit te doen… Politici deden dat dus! Wilders liet zich niet inpakken doordat hij donders goed wist dat hij als Wilders helemaal niets betekende voor z’n parijgenoten, maar door hen alleen en niet anders gezien werd dan als een element dat een (on)belang vertegenwoordigde. Als hij gedaan had wat ze trachtten te bereiken met het beroep op z’n loyaliteit en vriendschap, dan had hij nu in de vergetelheid verdwenen geweest!

Twee mensen die deden en uitvoerden waar ze voor stonden. Heel anders dan heel veel anderen die met een sociale, menselijke mombakkes voor keiharde politiek bedrijven! Een schijnbare paradox, werkelijkheid en schijnbare werkelijkheid…
En ten laatste, om niet te vergeten: het zijn altijd en immer de politici geweest die oorlog en ellende over volkeren uitgestrooid hebben!

Dus ben ik blij dat ik geen politicus ben, maar gewoon volksvertegenwoordiger. Met m’n vrienden buiten de politiek.