Hans Langbroek, raadslid voor Het Enkhuizer Alternatief

   

In een tijd van universeel bedrog is het spreken van de waarheid een revolutionaire daad (George Orwell)

Verschillende planeten
(29 november 2009 Bron: Al Yaqeen)

Onderstaand een visie die me laat twijfelen of het ooit allemaal wel goed komt. Ik zou werkelijk niet weten hoe om te gaan met deze zienswijze. Een zienswijze die toch deel uitmaakt van de denkwijze van velen, naar ik aanneem. Het gaat om verschillende planeten in het gedachtenleven, om wezenlijk verschillende levensvormen van de geest haast. Moeilijk, voor twee kanten!

 

Het is afkomstig van [hier], en maakt onbetwistbaar deel uit van de vrijheid van meningsuiting in dit land.

 

Geen dialoog

 

Regelmatig horen wij een oproep tot een ‘dialoog’ met ‘het Westen’. Vaak wordt deze gedaan door vertegenwoordigers van het Westen of van het Christendom. Maar het luidst klinkt deze oproep gek genoeg juist van sommigen van onze eigen broeders en zusters. Hoe vaak ligt er niet een stapel met uitnodigingen voor zo’n ‘dialoog’ op ons te wachten als wij de moskee verlaten? We zijn dan weer welkom bij een of ander debat of bij een voorlichtingsbijeenkomst. Er is dan een wethouder uitgenodigd en nog een paar andere belangrijke mensen, maar het is vooral van groot belang dat wij komen. Wat is toch de bedoeling hiervan? Wat wil men met deze ‘dialoog’? En wil iedereen wel hetzelfde? Willen deze dialoog-moslims wel hetzelfde als hun westerse tegenhangers? Weten ze wel wat ze willen? En wat zegt dat over deze oproep? Is het niet een onmiskenbaar gegeven dat deze oproepen totaal langs elkaar heen roepen? En wat zegt dat dan over deze ‘dialoog’? Welke dialoog?

*

 

De oproep tot dialoog vanuit het Westen gaat op de een of andere manier altijd gepaard met een gevoel van teleurstelling. Eigenlijk vindt het Westen dat die dialoog allang had plaats moeten vinden. Het Westen ervaart de dialoog als ‘normaal’ en vindt dat ‘iedereen’ daar vanzelfsprekend aan meedoet. Het feit dat er een oproep voor nodig is geeft al aan dat er iets fundamenteel mis is. Deze teleurstelling hangt samen met het gevoel van gezamenlijkheid dat het Westen heeft met iedereen. Als mensen daar buiten vallen dan klopt er iets niet. Dan zitten ze in ‘een isolement’. Het moderne Westen ervaart zichzelf als de vertegenwoordiger van de gehele mensheid. Het handelt niet uit eigenbelang of eigenwijsheid, maar vanuit ‘universele waarden’ die voor ‘iedereen’ gelden. Zo zei de President van de Verenigde Staten het ook onlangs weer in Cairo. Hij ziet zichzelf als de vertegenwoordiger van de gehele mensheid:

 

"The people of the world can live together in peace. We know that is God’s vision. Now that must be our work here on Earth." 1

 

"De mensen van de wereld kunnen in vrede samenleven. Wij weten dat dit de visie is van God. Welnu, dát moet ons werk zijn hier op aarde."

 

Hieraan voorafgaand zei hij:

 

"America does not presume to know what is best for everyone, (..) But I do have an unyielding belief that all people yearn for certain things: the ability to speak your mind and have a say in how you are governed; confidence in the rule of law and the equal administration of justice; government that is transparent and doesn’t steal from the people; the freedom to live as you choose. These are not just American ideas; they are human rights. And that is why we will support them everywhere." 2

 

"Amerika veronderstelt niet voor iedereen te weten wat het beste is, (..) Maar ik heb wel het onbuigzame geloof dat alle mensen verlangen naar bepaalde zaken: de mogelijkheid vrijuit te spreken wat men denkt en inspraak te hebben in hoe men geregeerd wordt; vertrouwen in het recht en een gelijke rechtsbedeling; een regering die transparant is en niet steelt van het volk; de vrijheid te leven zoals jij dat verkiest. Dit zijn niet slechts Amerikaanse ideeën; dit zijn rechten van de mens. En daarom zullen wij dit overal verdedigen."

 

We hebben hier dus te maken met een gesprekspartner die van zichzelf beweert niet te weten wat het beste is voor iedereen, maar wel een onbuigzaam geloof heeft te weten waar de ander behoefte aan heeft. Over deze behoeftes is blijkbaar geen gesprek mogelijk en onze gesprekspartner is bereid deze ‘universele behoeftes’ te allen tijde en overal te verdedigen. Tsja... wat voor een gesprek is er dan nog mogelijk?

 

*

 

De oproep tot dialoog komt altijd samen met de eis van de erkenning van de universaliteit van de moderne waarden. Om in dialoog te kunnen gaan met het Westen moeten de rechten van de mens erkend worden. Als men godsdienstvrijheid, de gelijke rechten van mannen en vrouwen, meningsvrijheid etc. niet erkent, dan is er volgens het Westen geen gesprek met jou mogelijk. Dan wordt je geëxcommuniceerd. Dan ben je blijkbaar geëxcommuniceerd. De oproep tot dialoog is een leugen. We worden niet uitgenodigd tot een gesprek, we worden uitgenodigd tot hun gesprek. En als wij dat niet willen, dan zijn wij degenen die in ‘een isolement’ zouden zitten.

 

Er gaapt een afgrond tussen de Islam en de wereld van het moderne Westen. Voor de moderne wereld is de mens wezenlijk een individu, een wezen dat recht heeft op een zelfstandig bestaan. Voor ons moslims heeft de mens dat recht helemaal niet. Het is juist zijn afhankelijkheid tot Allah, de Verhevene, die de kern uitmaakt van de mens. Zoals Hij in de eerst neergezonden verzen heeft gezegd (interpretatie van de betekenis):

 

“Nee, maar de mens overschrijdt zijn grenzen, omdat hij zichzelf als zelfstandig ziet. Waarlijk, zijn terugkeer is tot zijn Heer.”

(Soerat al-cAlaq 6-8)

 

Voor ons moslims vindt de mens zijn wezen slechts in zijn onderwerping aan Allah, de Verhevene. Zoals Hij zegt (interpretatie van de betekenis):

 

“En daarin werd hun slechts geboden God te aanbidden, oprecht zijnde in gehoorzaamheid jegens Hem, oprecht het gebed te onderhouden en de Zakaat te betalen. Dat is de ware godsdienst.”

(Soerat al-Bayyinah: 5)

 

De mens heeft de mogelijkheid te geloven in een illusionaire zelfstandigheid, maar dat is iets anders dan een recht. Deze vrijheid is hem door Allah gegeven, maar dat wil niet zeggen dat de verplichting tot onderwerping daardoor minder wordt. Die geldt en blijft gelden voor iedereen. Het is de kern van het menselijke bestaan.

 

Voor ons moslims is de hoogste wet de Wet van Allah, de Verhevene. Wij laten ons leiden door Hem en uitsluitend door Hem. Wij hoeven daar geen inspraak in. Wij willen daar geen inspraak in. Wij hebben ook geen interesse om vrijuit te kunnen spreken wat we willen en in de Rechtvaardigheid van Allah twijfelen wij geen moment. Onderwerping is onderwerping. Het leven van een moslim bestaat voornamelijk uit zwijgen en zich schikken. Geduld. Zoals Allah, de Verhevene, ons herhaaldelijk zegt (interpretatie van de betekenis):

 

“En zeker zullen Wij jullie beproeven door vrees, honger, verlies van bezittingen, levens en vruchten; maar verkondig de blijde boodschap aan de geduldigen.”

(Soerat al-Baqarah: 155)

 

“Gelovige! Blijf geduldig en spoor anderen aan volhardend te zijn, blijf op uw hoede en vrees God, zodat je zult slagen.”

(Soerat Aali cImraan: 200)

 

“Zeker, de mens is te midden van verlies. Behalve degenen die geloven en goede werken doen, en elkander tot waarheid en geduld aansporen.”

(Soerat al-cAsr: 2-3)

 

De modernen begrijpen dat niet en dat zullen ze ook nooit begrijpen. Ze kennen ons geluk niet en onze vrijheid. Zij dromen van hun geluk hier op aarde. Zij kunnen niet wachten. Ze weten niet wat geduld is. Dit is hun probleem en dat zou op zich niet zo heel erg zijn, ware het niet dat de moderne burger hier tegelijkertijd geen enkel besef van heeft. Hij weet niet dat hij droomt. Hij gelooft in zijn droom. Het is voor hem de enige werkelijkheid. Dus ook de werkelijkheid van de ‘ander’ (voorzover er überhaupt een ‘ander’ is voor de moderne burger). Voor de modernen bestaat er niets anders dan hun droom. Dus moet iedereen deze droom dromen. Het is voor hen de ‘universele waarheid van de mensheid’. Obama:

 

"There’s one rule that lies at the heart of every religion -- that we do unto others as we would have them do unto us. (Applause.) This truth transcends nations and peoples -- a belief that isn’t new; that isn’t black or white or brown; that isn’t Christian or Muslim or Jew. It’s a belief that pulsed in the cradle of civilization, and that still beats in the hearts of billions around the world. It’s a faith in other people, and it’s what brought me here today."3

 

"Er is één wet die aan het hart ligt van alle religies -- dat we doen tegenover anderen zoals wij willen dat zij doen tegenover ons. (applaus) Deze waarheid overstijgt landen en volkeren -- het is een geloof dat niet nieuw is; dat niet zwart is, of blank, of bruin; dat niet christelijk is of islamitisch of joods. Het is een geloof dat klopte in de wieg van de beschaving, en dat nog steeds klopt in de harten van biljoenen overal ter wereld. Het is het geloof in andere mensen, en dat is het wat mij hier vandaag gebracht heeft."

 

De ‘gouden’ wet van ‘Wat jij niet wilt dat jou gebeurt, doe dat ook een ander niet’ werd met applaus ontvangen. Wie zaten daar in het publiek?, vraag je jezelf af. Mensen die Obama wilden behagen, dat is duidelijk. Over deze wet valt namelijk veel te zeggen. Hij is niet universeel. Het is een product van het denken (Kalaam). Het is een in zichzelf strijdige wet. Hij is vooral nogal vaag. Hoe kan je weten wat de ander wil? Maar we hebben al gezien dat de moderniteit daar geen moeite mee heeft. Voor de moderniteit is het namelijk duidelijk wat de ander wil. Hij wil gewoon hetzelfde als wat ‘wij’ willen. Hij wil datgene wat ‘iedereen’ wil. Aldus droomt het denken zich een universele wet. De ander bestaat niet. De ‘gouden’ wet is geen Wet van Allah. Deze wet ligt helemaal niet aan het hart van ons geloof. Blijkbaar worden wij niet gekend. Wij kennen deze wet alleen voor onder elkaar.

 

Volgens Aboe Hamzah Anas ibn Maalik heeft de Profeet (vrede zij met hem) gezegd: “Niemand van jullie gelooft (werkelijk), totdat hij voor zijn broeder wenst wat hij voor zichzelf wenst.”

(al-Boekhaari en Moeslim)

 

Broeders weten van elkaar wat ze willen. En dát is iets wat buitenstaanders nooit zullen begrijpen. Alleen broeders en zusters begrijpen onderling waar zij behoefte aan hebben. Alleen in de gezamenlijke en onvoorwaardelijke onderwerping aan Allah kunnen wij ervaren wat het is om een gemeenschap te zijn. De ‘mensheid’ waar de moderniteit zich de vertegenwoordiger van waant is geen gemeenschap. Het kent geen reëel verband. Het is slechts een gedachtespinsel. Alleen in een reële gemeenschap komt de mens tot zichzelf en kan hij zijn hart openen voor de ander. En deze komt slechts tot stand in een gemeenschappelijke onderwerping aan Allah, de Verhevene. Eerst onderwerping en dan liefde. Liefde zonder onderwerping is namelijk een leugen. Of een illusie.

 

Zoals Hij zegt (interpretatie van de betekenis):

 

“En de gelovigen - mannen en vrouwen - zij houden van elkaar. Zij sporen elkaar aan tot het goede en verbieden het kwade, houden het gebed, betalen de Zakaat en gehoorzamen God en Zijn Boodschapper. Dezen zijn het, wie God barmhartigheid zal betonen. Zeker, God is Almachtig, Alwijs.”

(Soerat at-Tawbah: 71)

 

*

 

Twee jaar terug ontstond er veel ophef over opmerkingen die de paus had gemaakt over de Islam 4. Naar aanleiding daarvan benadrukte de paus vervolgens de noodzaak tot een dialoog. In zijn oproep tot dialoog gebeurt echter precies hetzelfde als wat we bij Obama hebben gezien:

 

"Der interreligiöse und interkulturelle Dialog ist notwendig, um gemeinsam die von allen Menschen guten Willens so sehr ersehnte Welt des Friedens und der Brüderlichkeit zu erbauen." 5

 

"De interreligieuze en interculturele dialoog is noodzakelijk, om gemeenschappelijk met alle mensen van goede wil de zozeer verlangde wereld van vrede en broederschap op te bouwen."

 

Ook hier zien we weer een ‘broederschap’ van ‘alle’ mensen. Ook hier zien we weer de arrogantie te weten waar iedereen naar verlangt, in dit geval een wereld van vrede en broederschap. En ook hier zien we weer dat er alleen in dialoog getreden kan worden met mensen ‘van goede wil’, dat wil zeggen de mensen die meeverlangen met dit ‘universele’ verlangen. Mensen die dit niet doen zijn degenen die niet ‘van goede wil’ zijn. Deze mensen worden ‘terecht’ geëxcommuniceerd. Ze excommuniceren zich immers zelf. Dit zijn echter wel de ware gelovigen. Hun wil en verlangen is niet gericht op deze wereld. Zij richten zich op het Hiernamaals. Zou de paus dat eigenlijk niet moeten weten? De ware gelovigen zijn degenen die zich samen verbroederen in hun onderwerping aan de Heer. Het zijn degenen die zich juist niet verenigen rondom het verlangen naar deze wereld. Het zijn degenen die gezamenlijk wachten op de Dag. Dat is ons verlangen.

 

Het is niet voor niets dat Sheikh cAbd ul-cAziez Ibnoe cAbdillaah Aal ash-Sheikh, de Mufti van Saudi-Arabië, als reactie op deze oproep heeft aangegeven dat het leugens waren: “Opdat iedereen zal weten dat hetgeen hij naar oproept, namelijk een eendracht tussen de religies en dergelijke, een oproep is die de werkelijkheid verloochent. Hoe kunnen zij denken dat een eendracht en toenadering mogelijk is, terwijl zij de Islam en de Profeet Mohammed (vrede zij met hem) aanvallen?” 6

 

*

 

De oproep tot dialoog is een leugen. De deelname aan de dialoog is namelijk niet vrijblijvend. Er is geen sprake van een open gesprek, laat staan een ontmoeting. Aan de deelname worden eisen gesteld. De toon is ook alles behalve vriendelijk. Er wordt van ons verwacht dat we mee-verlangen naar het christelijk-modern-westerse paradijs-op-aarde. En naar de wonder-sleutel tot dit paradijs: de democratie. Er wordt van ons verwacht dat wij ons richten op deze wereld en dat wij onszelf zien als zelfstandige wezens binnen deze wereld. Er wordt van ons verwacht dat wij onszelf zien als denkende, redelijke wezens die begrijpen dat het beste voor ons het beste is voor iedereen.

 

Broeders en zusters! Als we hier op ingaan zullen we alles verliezen! Ons hart. En de kern van ons geloof. Het lijkt zo onschuldig deze dialoog. En degenen die ons hiertoe uitnodigen geloven ook vaak in hun eigen onschuld. Dat maakt het heel verwarrend. Maar niet minder een leugen! Ze zijn helaas zo verloren dat ze niet weten hoe verstrikt ze zijn geraakt in de leugens van de satan.

 

Wij staan hier buiten en zolang wij trouw blijven aan ons geloof blijven wij daar ook buiten. Onze onderwerping beschermt ons. Daarom worden wij ook opgeroepen tot een dialoog. Niet om ons te leren kennen. Daar is geen oproep voor nodig. Als men ons zou willen leren kennen, dan had men dat allang kunnen doen. Ons leren kennen is geen enkel probleem. Nee, het is duidelijk dat men daar niet in geïnteresseerd is. Met de oproep tot dialoog wil men ons onschadelijk maken. Men wil ons opnemen in hun dialoog. Men wil gerustgesteld worden. Men wil ons als mede-wereld-burgers die samen met hen hetzelfde willen als zij. Hun vrede-op-aarde-paradijs breekt pas aan als iedereen net zo verdwaald is als zij. Willen wij dat? Nee.

 

*

 

De dialoog waar we toe opgeroepen worden door het Westen is geen dialoog. Er is geen gesprek mogelijk, laat staan een ontmoeting. De Romeinen, het Westen, de moderniteit tolereren geen ander. Iedereen moet zijn als zij zelf. Iedereen moet verlangen wat zij verlangen. Van iedereen wordt verwacht ‘redelijk’ te zijn: opgaand in Kalaam. Hun dialoog is de redelijke schijnontmoeting van individuele burgers. Als je die weg inslaat is er alleen nog maar eenzaamheid en dwaling. Geen gesprek. Geen ontmoeting. Geen nabijheid. Geen gemeenschap.

 

*

 

En nu onze broeders en zusters die zich zo uitsloven voor deze ‘dialoog’. Wie zijn het? En wat willen ze? De ‘Islamitische’ stichting ‘Islam en Dialoog’ bijvoorbeeld wil graag “het wederzijds begrip en respect tussen vertegenwoordigers en belijders van de verschillende religies en levensbeschouwingen bevorderen.” 7 Dit willen zij doen door “het bevorderen van een oprechte

 

positieve betrokkenheid van moslims bij relevante maatschappelijke ontwikkelingen en het  bevorderen van de bekendheid en beleving van universele ethische waarden en principes.” En dit doen ze vervolgens “vanuit het perspectief van een gematigde Islam.” Wiens stem horen wij hier? Laten we hier niet te lang bij stilstaan. Het zijn meelopers en napraters. De woorden die zij gebruiken zijn letterlijke kopieën van hun westerse ‘gesprekspartners’. Je hebt ook niet het gevoel dat je naar een moslim luistert. Het is de stem van de moslim die zichzelf als een buitenlander ervaart en zich uitslooft om niet zo over te komen. Het is de moslim die zijn best doet om erbij te mogen horen. Het is de stem van de onderdrukte die zijn koloniale overheerser wil behagen. Denk terug aan het publiek van Obama in Cairo.

 

Broeders en zusters! De gehele aarde is ons gegeven als een plaats om Hem te aanbidden. Zoals onze geliefde Profeet (vrede zij met hem) heeft gezegd: “De aarde is voor mij gemaakt tot Masdjid (een plaats om te bidden).”

(al-Boekhaari)

 

En: “Ik ben voorgetrokken boven andere profeten om zes redenen: aan Mij is het alomvattende Woord geopenbaard, de overwinning, zodat de vijand in paniek raakt, de buit is aan mij geoorloofd, de hele aarde is van reine grond en is een gebedsruimte en ik ben een gezant voor alle schepselen en de laatste van de profeten.”

(Moeslim)

 

Dit is de universele boodschap. Dit is de enige universele boodschap. Gericht aan de gehele mensheid. Maar dat maakt de ‘mensheid’ nog geen gemeenschap. De Gemeenschap ontstaat pas daar waar er geluisterd wordt naar deze boodschap. Waar er gehoor gegeven wordt aan deze oproep. Niet de oproep tot een ‘dialoog’, maar de oproep tot het gebed!

 

De dialoog-moslims zijn verdwaald. Ze staan onderaan de ladder van het Westen en willen graag hogerop. Maar broeders en zusters! Wij hebben onze eigen ladder. Laat ons deze beklimmen! Laten wij niet wedijveren om geld of een plaats in deze wereld. Laten wij wedijveren in geloof en goede werken. Zoals Allah, de Verhevene, zegt (interpretatie van de betekenis):

 

“Zij geloven in God en de laatste Dag en gebieden het goede en verbieden het kwade en wedijveren met elkander in goede werken. Dezen behoren tot de rechtvaardigen.”

(Soerat Aali cImraan: 114)

 

Dit zijn degenen die zich niet bezighouden met een ‘dialoog met het Westen’. Dit zijn degenen die in de nabijheid tot elkaar een gesprek kunnen voeren. Zij zijn het die elkaar kunnen ontmoeten. Zij zijn het die hun buurman - ook als hij niet gelovig is! - uitnodigen voor een gesprek. Dit gesprek is geen ‘dialoog’. Hier vindt een werkelijke ontmoeting plaats tussen twee mensen. En dat is iets heel anders. Daar worden geen eisen gesteld. Een werkelijk gesprek vindt ook niet in de openbaarheid plaats. Het blijft verborgen. En dat is een gebied dat de moderne burger niet kent. In het verborgene woont het hart. Het leven. Dat is geen publieke vertoning. Dat is echt. Onder mensen. Geen leugen. Geen illusie. Maar liefde.

 

*

 

Je buren uitnodigen om wat te komen eten of drinken en hen te helpen waar nodig, is iets heel anders als naar een zaaltje gaan om in debat te gaan met een wethouder of een dominee. Het eerste is liefde, en het tweede is een leugen.

 

Mohibbon lil-Haq

28 Dhoel-Qicdah 1430