Hans Langbroek,raadslid voor Het Enkhuizer Alternatief

   

In een tijd van universeel bedrog is het spreken van de waarheid een revolutionaire daad (George Orwell)

Onbegrip

(21-8-2012)

 

Wat ik mezelf al jaren afvraag, en wat ik tot dusverre gewoonweg werkelijk nit begrijp en bevat, is wat die bijna imaginair zijnde dunne grenslijn is die het levende en het levenloze van elkaar scheidt. En waar die lijn exact ligt.

Het proces dat complexe moleculen zichzelf beginnen te reproduceren kan ik begrijpen als ik lees hoe dat gaat, het proces dat die complexe moleculen zichzelf beginnen te organiseren ergens ook nog, maar dat die organisatie op een gegeven moment zover gaat dat er vormen van bewustzijn ontstaan niet.

 

Het is niet te bevatten dat chemisch logische reactiesystemen bewustzijn van zichzelf hebben. Erger zelfs: het is ng minder te bevatten dat complexe biochemische reactiesystemen zichzelf ervan bewust zijn dat ze bewustzijn hebben. Ons menselijk bewustzijn dus, en dat van van sommigen die daarin gelijkwaardig zijn.

 

Ik vraag me af waar de grens tussen het levende en het levenloze ligt. Gaat het om het vermogen van biochemische reactiesystemen om zichzelf te reproduceren? Is dat leven, is reproductiecapaciteit leven?

Gaat het om de bijbehorende eigenschap dit vermogen tot kunnen reproduceren te willen beschermen en in stand te houden? Wt is dan hetgene dat dit wil? Wt is hetgene dat een biochemisch reactiesysteem, dat feitelijk bezien bestaat uit levenloze materie, pro-actief laat zijn (wat in dit kader trouwens als een vorm van re-activiteit beschouwd zou kunnen worden) op mogelijke omstandigheden die de biochemische reactie zouden kunnen onderbreken? Hier begrijp ik dus letterlijk geen barst van.

Is leven uiteindelijk maar een gewone bijkomende eigenschap van levenloze materie, in de zin waarin bijvoorbeeld VanderWaalskrachten en Lorentzkrachten dat ook zijn? Dat verklaart nog niet het bewust zijn van het bewustzijn.

 

Hl graag zou ik eens iemand ontmoeten die mij dit kan uitleggen in de taal der arbeiders. Zonder zweverigheid, zonder de ultragespecialiseerde vakterminologie der biochemici, maar gewoon in mijn gemiddelde burgertaal.

 

Hans Langbroek