Hans Langbroek, raadslid voor Het Enkhuizer Alternatief

   

In een tijd van universeel bedrog is het spreken van de waarheid een revolutionaire daad (George Orwell)

Nederland, keuterland. En over Enkhuizen.

(28 augustus 2005)

 

 

Deze week viel het me op hoeveel verbijsterde en/of in paniek zijnde buitenlanders ik tegen kwam. Allemaal toeristen.

 

Ons landje is een land dat zich in allerlei opzichten beroept op z’n internationale plaats in deze wereld. Dit vanuit onze historie en heden met bijvoorbeeld de VOC, onze voormalige koloniën, onze handelsgeest, onze internationals etc. Deze week kwam ik er toevallig achter dat dat in sommige opzichten toch niet zo zichtbaar is. Of het viel me nu voor het éérst op in ieder geval. En het viel me op in een kleine plaats die vanuit de historie internationaal georiënteerd is, Enkhuizen, en in een grote plaats vanuit hetzelfde perspectief, Amsterdam. Beiden hebben ook met internationaal toerisme te maken. Enkhuizen in het klein, Amsterdam in het groot.

 

Om bij het kleine te beginnen: deze week, donderdag, liep ik langs het Waaigat toen ik daar een vorm van opstootje zag. Er stond een Italiaanse camper, met daarnaast een Italiaans gezin. De leden van het gezin, een vader, een moeder en een paar kindertjes, hadden allemaal een verbijsterde uitdrukking op hun gezicht. Het huilen stond enkelen nader dan het lachen.

De reden van deze verbijstering was dat een Hollandse wetsdienaar een Westfriese imitatie weggaf aan deze mensen van Louis de Funés in z’n film over de Gendarmerie de Saint-Tropez! Als u deze film toevallig kent weet u wat ik bedoel…

De Italiaanse toeristen wilden hun camper op het Waaigat parkeren, er was daar zoals gewoonlijk veel ruimte vrij. De wetsdienaar wilde duidelijk maken dat dit niet toegestaan was, en wees constant nadrukkelijk en driftig in de Louis de Funésstijl gesticulerend op het blauwe bord dat deze zône voor vergunninghouders was…  Arme Italianen, ze konden duidelijk onze Bataventaal niet lezen! Dat is ook niet zo raar uiteraard, Nederlands is niet bepaald een wereldtaal. Dat geldt natuurlijk ook voor het bord bij de ingang van de stad over parkeerzônes dat zelfs voor Nederlanders in het voorbijrijden niet te lezen is, en dus zéker niet voor buitenlanders.

Ook deze week op het NS-station in Enkhuizen, een stel Spanjaarden bij de kaartjesautomaten omdat het loket dicht was. Deze mensen kenden uiteraard ook geen Nederlands, en stonden wanhopig naar de ook voor Nederlandse bejaarden onbegrijpelijke teksten op het scherm te kijken. En stapten toen maar zonder kaartje in de trein omdat de conducteur op dat moment niet zichtbaar was. Daar kregen ze een kaartje van de conducteur, met een bedrag er bovenop als boete! Dat wordt leuk per 1 oktober 2005, dan krijg je dus géén kaartje meer in de trein, maar alleen nog een boete van € 35,--! En het loket gaat dicht op station Enkhuizen…. Leve het internationaal toerisme, we doen er alles voor!

 

In onze wereldstad Amsterdam zag ik dit weekend hetzelfde. De automaten voor strippenkaarten, die straks niet meer in kiosken etc te koop zijn, deden het niet goed. Er kon niet gepind worden, er was geen wisselgeld meer, er kon alleen met chipknip betaald worden. Dit werd allemaal in het Nederlands aangegeven met schermpjes en bordjes. U raadt het: verbijsterde toeristen die in hun reisgids gelezen hadden hoe het hier werkt met het openbaar vervoer en onbegrijpelijke strippenkaarten snapten absolúút niet meer wat ze moesten doen. Er was niemand aan wie ze konden vragen hoe het wél zat, en daar sta je dan als Japanner, Spanjaard, Pool, Italiaan of wat dan ook in een land dat zo langzamerhand het meest toeristenonvriendelijk van Europa begint te worden met steeds ingewikkelder systemen voor simpele dingen!

 

Dat laatste vind ik tenminste. Het lijkt me dat als een land zich zo internationaal presenteert, en ook de toeristensteden, je jezelf als land of stad daar dan ook aan aanpast. Ik zie dat tenminste wel in andere landen waar ik geweest ben, behalve Frankrijk. Veel dingen worden minstens in het Engels, Frans, Duits en/of Spaans gedaan, op computerschermen als kaartenautomaten etc zijn er taalkeuzes mogelijk. Borden zijn twee- of drietalig. En er zijn ménsen aan wie je wat kunt vragen! Maar bij ons? Zeventien miljoen mensen minus de bejaarden begrijpen straks hoe je een kaartje voor een trein of bus kunt krijgen, 350 miljoen andere Europeanen waar we geld van willen verdienen kunnen blijkbaar het heen en weer krijgen! Onbegrijpelijk voor een land dat zich “groot” opstelt. En voor stadjes als Enkhuizen die geld willen verdienen als toeristenplaats.

 

In Enkhuizen, en ook andere gelijksoortigen, is niets berekend op buitenlandse toeristen. Aanwijsborden, bewegwijzering, pinautomaten, kaartjesautomaten: niets is gericht op buitenlanders. De laatste twee moeten banken en vervoersbedrijven regelen uiteraard, maar dat zie je toch in andere landen wel, dat er taalkeuzes gemaakt kunnen worden op dat soort apparaten.

Ik vraag me af of je als gemeente in onderhandeling kunt gaan met bedrijven als banken en NS over dat soort dingen. Voor een toeristenplaats als Enkhuizen is dat helemaal niet zo raar lijkt me, als we tenminste pretenderen een internationaal gerichte toeristenplaats te willen worden/zijn. En de rest kunnen we zelf gaan aanpassen lijkt me… Ik zal het eens vragen.


Maar ja, de tijd zal het leren denk ik, doch ik vind het raar allemaal.  Dat wilde ik gewoon even zeggen.

 

Hans Langbroek