Hans Langbroek, raadslid voor Het Enkhuizer Alternatief

   

In een tijd van universeel bedrog is het spreken van de waarheid een revolutionaire daad (George Orwell)

Multiculti aan de haringplas

(13 april 2008)

 

Er was eens een klein stukje waterig land, of landerig water, net hoe men dat wil zien, in een hoekje aan zee in Noordwest Europa.

Het stukje land aan zee was te vergelijken met dat beroemde Gallische dorpje dat menigeen kent van het feit dat het nogal koppig weerstand bood aan de Romeinse overheersing. Net als in dat dorpje gebeurde, leefden en kijfden de bewoners van dat plekje land aan zee er lustig op los; de visboer sloeg de smid met een niet-verse vis om de oren, er was een mooie dame waar iedereen verliefd op was, er was een wijze man, en ga zo maar door. Zo in het algemeen waren de bewoners van dat stukje land aan zee in Noordwest Europa eigenlijk best wel gelukkig met hun bestaan.

 

Maar er waren drie levensgrote verschillen tussen dat Gallische dorpje en het stukje land aan zee, en die verschillen maakten dat het Gallische dorpje en het stukje land aan zee nooit als gelijk gezien zouden kunnen gaan worden!

 

Het grootste verschil was dat waar het Gallische dorpje hun vals zingende bard tijdens dorpse festiviteiten met dichtgesnoerde mond en vastgebonden armen in een boom hing om hem het zingen en pingelen op z’n instrument te beletten, het stukje land aan zee z’n twee vals zingende bards Bauer en Smit tot ideale schoonzoons verheven had…

 

Het tweede grote verschil was dat waar het Gallische dorpje hardnekkig weerstand bood aan de Romeinse overheersing, het stukje land aan zee zo’n beetje door ieder wellustig heerserstypje dat z’n oog erop liet vallen ook daadwerkelijk hardhandig ingenomen werd.

Dat was me toch wat! Vikingen, Duitsers, franken, Spanjaarden, Romeinen, Fransen, Saksen, Riffijnen, Portugese Joden, katholieken: iedereen denderde wel een keer met onvervaarde militaire, religieuze of financiële veroveringslust over het stukje land aan zee heen!

De bewoners van dat stukje land aan zee waren daar natuurlijk niet altijd even gelukkig mee. Maar, blij als die bewoners in het algemeen toch wel met hun bestaan op deze aardkloot waren, maakten ze immer weer van de nood een deugd. Ze bedachten met vindingrijke inventiviteit allerlei constructies die de verschillende overheersingen die elkander opvolgden tot iets maakten waar ze uiteindelijk baat bij hadden.

Van de Vikingen namen ze wat zeemanskunst over, van de Duitsers namen ze wat werklust over, van de franken leenden ze wat krijgskunst, van de Spanjaarden namen ze de aanzet tot een belastingstelsel over, van de Romeinen namen ze wat beschaving over, de Fransen leverden een bevolkingsregister en een normaal wetboek, de Portugese Joden ondernemingslust en geld, en zo is er nog veel meer te noemen.

 

Wat overheersers in alle tijden en alle landen gemeen hadden en hebben, is natuurlijk promiscuïteit, zoals iedereen wel weet. Ook de overheersers van dat stukje land aan zee plantten zich lustig voort met de nooit als moeilijk bekend gestaan hebbende ronde dames aldaar. Dat leverde na al die overheersingen een bont uiterlijk op van bewoners van dat stukje land aan zee! Bezoekers uit alle windrichtingen van de ronde aarde hebben zich reeds door alle tijden heen over dat bonte uiterlijk verwonderd. Alles is te zien: blauwe ogen en blond haar, blauwe ogen en zwart haar, donkere huiden met wit haar, krulletjeshaar van witte en zwarte snit, platte en heel lange neuzen, en ga zo maar door! Het volkje op dat stukje land aan zee is een kleurig stoeterijtje van wereldrassen geworden, opgepot bij elkaar aan zee.

 

Doch nog steeds slaat de visboer de smid om de oren met een niet-verse vis, is er een mooie dame waar iedereen verliefd op is, en is er een wijze man. Nog steeds worden de valszingende barden niet met dichtgesnoerde mond en vastgebonden armen in een boom gehangen tijdens festiviteiten, maar worden ze tot ideale schoonzoon verklaard.

 

Laten we wel wezen: nooit was iemand in eerste, tweede en zelfs in derde instantie blij met de Vikingen, Duitsers, franken, Spanjaarden, Romeinen, Fransen, Saksen, Riffijnen, Portugese Joden en katholieken. Het bracht in beginsel immer weder onrust, geldklopperij, kopjes thee die met de indringers gedronken werden, halsafsnijderij en nachtbrakerij. Nog steeds overkomt de bewoners van dat stukje land aan zee dit allemaal.

Maar ze zijn wél allemaal blij met de bijkomende zaken die het gebracht heeft, behalve het belastingstelsel van Spanjaard Fernando de Toledo, de hertog van Alva… Al die bijkomende zaken hadden de bewoners van dat stukje land aan zee nooit zelf kunnen bedenken. Ze hebben het stukje land aan zee uiteindelijk allemaal in redelijke mate rijk en welvarend gemaakt!

 

Daarom nu dan ook het derde grote verschil met dat Gallische dorpje dat zolang hardnekkig weerstand bood aan de Romeinen en veranderingen: dat dorpje bestaat al eeuwen niet meer, en het stukje land aan zee nog steeds!

 

Hans Langbroek