Hans Langbroek, raadslid voor Het Enkhuizer Alternatief

   

In een tijd van universeel bedrog is het spreken van de waarheid een revolutionaire daad (George Orwell)

Mooi te balspellen aan de kust, lekker toch?

Immerhorn

(21 februari 2010)

 

Een tijdje terug hadden we als Enkhuizer politiek een commissievergadering, en daarop volgend een raadsvergadering. In die twee vergaderingen kwam het raadsvoorstel aan de orde dat nieuwe kleedkamers behelst voor West-Frisia. Het item was of dat permanente bouw moest worden, of in afwachting van “zaken die mogelijk in de toekomst zouden kunnen gaan spelen”, tijdelijke bouw.

Nu is het zo dat Nieuw Enkhuizen zich in haar verkiezingsprogramma 2010-2014 duidelijk uitspreekt voor behoud van het sportpark op de huidige locatie Immerhorn. Uiteraard zéér tegen de eurobeluste schenen aan van diegenen die daar graag op zo’n top-A-locatie dure huizen en dergelijke zouden willen gaan bouwen. Van geld gaan een gereed aantal oogjes in dit land nu eenmaal behóórlijk glimmen!

Projectontwikkelaars behoren in ons land tot de top-glimogigen wat dit betreft. Velen zijn in het kortgeleden verleden zelfs bereid geweest de staat (dat is dus de belastingbetaler) op te lichten voor vele honderden miljoenen euro’s, tot miljarden aan toe. Dat noemde men onderdeel van de bouwfraudes.

 

Lokale politici in kleine stadjes hebben ook te maken met geld en begrotingen. Maar in omgekeerde oorzakelijkheid dan dat bedrijven dit doen. Het is namelijk zo dat bedrijven bestaan om geld te genereren, en dat gemeentes cq overheden bestaan om met geld welzijn en welvaart ten behoeve van een leefbare samenleving te creëren.

Bedrijven genereren dus geld, en overheden geven geld uit. Het doel en de focus van bedrijven en overheden liggen duidelijk op een ander vlak. Zo hoort dat ook. Bedrijven hebben doorgaans een stuk meer verstand van geld verdienen dan overheden, en overheden hebben een stuk meer verstand van geld op dié wijze in te zetten om een samenleving op realistische wijze in al z’n facetten te kunnen laten draaien voor een bevolking als geheel.

 

Nieuw Enkhuizen begrijpt dat allemaal ook wel. Wij begrijpen dat geld nodig is, en wij begrijpen dat de gemeente miljoenen kan vangen voor dat top-A-locatietje aan de IJsselmeerkust.

Wat wij ook begrijpen is dat geld niet het doel van alles moet zijn dat je doet, maar een middel tót dient te zijn. Als geld het doel wordt, maak je een samenleving ondergeschikt aan geld ipv andersom.

Wij willen de sportvelden op de huidige locatie Immerhorn behouden, ondanks dat ook wij er bewust van zijn dat die locatie veel geld op kan leveren. Immerhorn is een mooie locatie aan de kust, en voor sportverenigingen die gebruik maken van zo’n locatie levert die locatie heel veel positieve uitstraling op. Véél meer uitstraling dan een nieuwbouwsportcomplex ergens aan de rand van Enkhuizen, zoals ook velen een optie vinden.

Immerhorn ligt mooi centraal tussen nieuw- en oudbouw, het is een eigen plek die terecht graag gewild is door de sportverenigingen. In de discussie over de tijdelijke of permanente bouw van kleedkamers hoorde men dan ook de discussie over de locatie door de totaaldiscussie heen gaan.

Lijst Quasten had wat betreft de “mooiste” optie: zij wilde permanente (dus duurderde) bouw op Immerhorn, terwijl ze in haar verkiezingsprogramma duidelijk pleit voor verplaatsing van het sportpark naar de grens Enkhuizen – Stede Broec! Geweldig zoiets, dit maakt politiek soms één groot cabaret!

 

Maar in ieder geval: wij willen het sportpark dus op de huidige plaats behouden. Daaruit volgt dat wij hadden kunnen pleiten voor permanente bouw, en dat deed NE bij monde van mezelf dan ook in eerste instantie in de commissievergadering.

Na die vergadering kregen wij politici van allerlei kanten verwarrende informatie over ons heen gestort, naast wat we al wisten van ontwikkelingen in de historie.

Een kleine opsomming:

 

-         Eerst wilde Dindua niet met West-Frisia samen

-         Daarna vond iedereen dat er één grote vereniging zou moeten komen omdat dit goed voor de sport in Enkhuizen zou zijn

-         Daarna wilde West-Frisia niet met Dindua samen en omgekeerd wel

-         Ineens wilde niemand meer fuseren, maar losse bestuursleden van beide verenigingen dachter er anders over

-         Dan spreekt Dindua ineens in de commissievergadering in voor kleedkamers voor West-Frisia

-         Op de site van W-F staat dat er overeenstemming is met de gemeente, in een brief die de politiek krijgt van W-F staat juist weer van niet

-         En uiteindelijk geeft een bestuurslid van West-Frisia als bestuurslid in de krant een afwijkende mening over het geheel die overeenkomt met de partij waarbij hij op de kieslijst staat, Lijst Quasten….

 

Oftewel, het is allemaal één grote chaotisch kakofonie van meningen geworden waarvan niemand meer iets begrijpt.

 

Mijn advies, mijn smekende en biddende advies, aan de verenigingen die gebruik maken van de velden op Immerhorn is het volgende:

 

Ga met elkaar proberen te praten om samen te trachten een formule te vinden waardoor de verenigingen één geheel worden met één mond, met behoud van de eigen oorspronkelijke eigenheid van elke club! Maak samen één sterke vuist richting een overheid die steeds vaker slechts aan geld denkt! Kom op voor het geheel, laat onderlinge verschillen niet splijten en teloor gaan wat mogelijk is!

In mijn opinie is het zo dat als dit niet bereikt kan worden, de gemeente op een gegeven moment gewoon over de sportclubs heenwalst om Immerhorn voor veel geld van de hand te doen aan geldbeluste projectontwikkelaars. Het maakt dan écht niet veel uit wie er dan uiteindelijk in een college of een gemeenteraad zullen zitten, het gaat om meerderheden in de raad! De clubs mogen het daarna doen met een “mooi modern complex” met allerlei benoemde en opgelegde “voordelen” die ze niet willen. Ver weg opgeborgen en neergelegd aan de grens van Enkhuizen en Stede Broec, in niets meer positief verschillend van andere grijze locaties in den lande.

Werk samen, word één, wees sterk, maak die harde grote vuist!

 

Hans Langbroek